Gebruiksvergunning / Gebruiksmelding

Er is een groot aantal wetten en bepalingen waar een horecaondernemer en zijn bedrijfspand aan moet voldoen.

Een brandveilig bouwwerk wordt niet alleen bereikt door het stellen van bouwkundige eisen maar ook door het brandveilig gebruik van een bouwwerk. Er worden eisen gesteld zoals vluchtwegaanduidingen, installatie van brandmelding, ontruiming en noodverlichting.
Het ministerie van VROM heeft hiervoor landelijke voorschriften opgesteld (Besluit brandveilig gebruik bouwwerken/Gebruiksbesluit) welke door de gemeente is opgenomen in de gemeentelijke Bouwverordening. De gebruiker van het gebouw moet een melding doen of een gebruiksvergunning aanvragen.

U moet een melding van gebruik doen als:

Een gebruiksvergunning is verplicht voor:

Een gemeente kan in de Bouwverordening afwijken van het aantal genoemde personen onder het eerste punt.

Zorg dat u op de hoogte bent van de eisen die de gemeente en brandweer stellen!!!

Vanaf januari 2010 zal naar verwachting de WABO van kracht worden. WABO staat voor Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht. Deze wet brengt ongeveer 25 regelingen samen die de fysieke leefomgeving betreffen.
Bouw-, milieu-, natuur- en monumentenvergunningen gaan op in één vergunning, de zogenaamde Omgevingsvergunning. Zo hebben burgers en ondernemers nog maar te maken met één loket, één beschikking en één procedure. De aanvraag kan digitaal worden gedaan en behandeld.
In het besluit omgevingsrecht staat onder meer voor welke activiteiten een vergunning nodig is en welk orgaan vergunningen verleent. In veel gevallen zijn bestaande regelingen overgenomen en is aangesloten bij de bestaande bevoegdheidsverdeling.

De WABO is ontwikkeld om de regeldruk te verminderen. De bouwvergunning en de Gebruiksvergunning zullen deel uitmaken van de WABO.

Exploitatievergunning horecabedrijf

De gemeente kan in een Algemene Plaatselijke Verordening (APV) eisen dat u voor het exploiteren van een horecabedrijf een exploitatievergunning moet aanvragen.
In de vergunning worden eisen gesteld aan de leidinggevenden en de bedrijfsvoering (bijvoorbeeld toezicht op straat). Dit wordt gedaan om overlast in en rondom horecabedrijven te voorkomen. De geldigheidstermijn van de vergunning verschilt per gemeente. Bij wijzigingen in de bedrijfsvoering of het bedrijf zelf vervalt de vergunning.
De aanvraag voor de exploitatievergunning kunt u indienen bij de gemeente.

Drank- en Horecawetvergunning

Horecabedrijven die alcoholhoudende drank willen schenken dienen te beschikken over een Drank- en Horecavergunning. Deze vergunning is noodzakelijk als de ondernemer:

Een cafetaria die uitsluitend blikjes bier om mee te nemen verkoopt, hoeft geen Drank- en Horecavergunning nodig. Slijterijen hebben een andere Drank- en Horecavergunning nodig.

De vergunning kent drie soorten eisen: inrichtingeisen, persoonseisen en eisen van 'Sociale hygiëne'.

Inrichtingseisen
Om een Drank- en Horecawetvergunning te krijgen moet het pand aan de inrichtingseisen voldoen. Deze hebben o.a. betrekking op:

Persoonseisen
Om aan de persoonseisen te voldoen, dient de ondernemer minimaal 21 jaar te zijn en dient hij een verklaring van goed gedrag te hebben.

Eisen van Sociale hygiëne
In de Drank- en Horecawet wordt de term leidinggevende gebruikt. De leidinggevende moet aan de eisen van Sociale hygiëne voldoen. Iedere persoon die feitelijk leiding/sturing geeft aan een horecaonderneming is als leidinggevende aan te merken. Bij een besloten vennootschap moeten dus alle bestuurders aan de eisen voldoen, want bij hen berust de algemene leiding van de onderneming.
De leidinggevenden moeten met naam op de vergunning vermeld worden. Als u ruime openingstijden heeft, zult u dus al snel meerdere leidinggevenden op de Drank- en Horecavergunning moeten laten vermelden. Als door personeelswisselingen nieuwe leidinggevenden gaan optreden, moet u uw vergunning laten vernieuwen. De ondernemer wordt bijna altijd ook als leidinggevende beschouwd en moet zelf ook voldoen aan de eisen van sociale hygiëne.

Op de volgende manieren kunt u voldoen aan de eisen van Sociale hygiëne:

SVH geeft de SVH Verklaring Sociale hygiëne af als:

Naast de eisen van Sociale hygiëne dienen de leidinggevenden en ondernemer(s) ook te voldoen aan zedelijkheidseisen (bijv. geen veroordeling wegens rijden onder invloed gedurende de laatste 5 jaar) en de minimale leeftijd van 21 jaar te hebben. Voor het laatste is ontheffing mogelijk.

De Drank- en Horecavergunning moet aangevraagd worden bij de gemeente en is persoonsgebonden. U kunt de vergunning dus niet overnemen van de vorige eigenaar.

Arbo-wet

De Arbeidsomstandighedenwet (Arbo-wet) eist dat de werkgever zorgt voor de veiligheid en gezondheid van de medewerkers op het gebied van alle zaken die met de arbeids verbonden zijn.

Als werkgever organiseert u het werk zo dat de kans op ongevallen zo klein mogelijk is. U weet welke risico's er zijn en waar deze liggen. Dit heeft u in de verplichte Risico-Inventarisate en -Evaluatie en het Plan van Aanpak uitgewerkt. Om de kans op ongevallen te beperken neemt u maatregelen door middel van bijvoorbeeld voorschriften en beschermingsmiddelen.

De werknemer heeft deze kennis ook nodig om veilig te kunnen werken. Hij moet weten hier hij deze middelen moet gebruiken.

Voorlichting risico's
Voorlichting aan uw werknemers is dan ook een belangrijke maatregel om ongevallen en verzuim te voorkomen. De Arbo-wet verplicht u uw merknemers in te lichten over de risico's die het werken met zich mee brengt en de maatregelen die genomen zijn om de risico's te beperken of weg te nemen.
Dit geldt niet alleen voor eigen werknemers maar ook voor stagiares, uitzendkrachten, inleenkrachten en vrijwillegers. U ziet er eveneens op toe dat de werknemers de instructies en voorschriften volgen. De preventiemedewerker speelt hierin een belangrijke rol.

Voorlichting over bedrijfshulpverlening
Elke werknemer moet ook weten hoe de bedrijfshulpverlening is geregeld. Wat kan en moet de werknemer doen bij een incident, brand of ongeval. Iedere werknemer moet weten hoe hij alarm kan slaan en wat hij kan verwachten van de bedrijshulpverlening.

Verantwoordelijkheid werknemer
De werknemer heeft ook zelf een verantwoordelijkheid als het gaat om arbeidsomstandigheden.
- Hij is verplicht mee te werken aan de voorlichting over zijn werkzaamheden, de risico's van de taak en bedrijfshulpverlening.
- Persoonlijke beschermingsmiddelen die de werkgever verstrekt moet hij gebruiken en opbergen.
- Gevaren die hij opmerkt voor zijn eigen veiligheid maar ook voor anderen, moet hij onmiddellijk melden aan de werkgever.

Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E)

De RI&E is verplicht voor ieder bedrijf met personeel in dienst. De RI&E is een inventarisatie van gevaren die verband houden met de arbeid en een inschatting van de kans dat die gevaren zullen optreden. Op basis van de RI&E wordt een Plan van Aanpak gemaakt. Hierin staan de maatregelen die genomen worden om de risico's voor de veiligheid en de gezondheid te verkleinen.

Uit de RI&E zal blijken dat er een aantal risico's is, dat niet te voorkomen is, de zogenaamde restrisico's. De gevolgen van deze restrisico's worden zo klein mogelijk gehouden door het organiseren van een goede bedrijfshulpverleningsorganisatie. Iemand kan bijvoorbeeld altijd vallen, uitglijden of zich branden. Hierop moet de bedrijfshulpverlening gericht zijn.

Voor de horeca is een Horeca-RI&E beschikbaar, deze is overeengekomen door de sociale partners. Voor kleine bedrijven tot 25 werknemers hoeft de RI&E (als gebruik wordt gemaakt van de HorecaRI&E) slechts licht getoets te worden. Bij controle van de arbeidsomstandigheden moet u de RI&E kunnen tonen. Bij bedrijven met meer dan 25 werknemers is er gewone toetsing door de Arbodienst noodzakelijk.

Zie voorvoor de site http://www.rie.nl/rie-instrumenten/ri-e-horeca

De Arbeidsinspectie heeft het toezicht op de arbeidsomstandigheden overgedragen aan de Voedsel en Waren Autoriteit. Dit is gedaan om het aantal verschillende inspecteurs die op bezoek komen te beperken.

Bedrijfshulpverlening (BHV)

Volgens de Arbowet is iedere werkgever verplicht bedrijfshulpverlening te hebben. Onder de werkzaamheden van de Bedrijfshulpverlening vallen:

De BHV wordt ingericht op basis van de restrisico's die in een bedrijf voorkomen. Deze restrisico's zijn niet te voorkomen en de bedrijfshulpverlening is bedoeld om de gevolgen van die risico's zo klein mogelijk te houden.

De werkgever moet ook het alarmeren van en samenwerken met de professionale hulpverleningsdiensten regelen. Dit kan de werkgever bij de bedrijfshulpverleners neerleggen maar dat hoeft niet volgens de Arbo-wet.

Ondanks alle voorzorgmaatregelen kan een ontruiming noodzakelijk zijn. Hiervoor moet er een ontruimingsplan (op papier) zijn. Het ontruimen moet regelmatig geoefend worden, minimaal éénmaal per jaar is een goede richtlijn.

Het aantal benodigde bedrijfshulpverleners is in de Abro-et 2008 niet meer vastgelegd. Er moet wel altijd minimaal één BHVér aanwezig zijn. Het aantal benodigde BHV'ers hangt af van:

Bij het bepalen van het aantal BHV'ers dient rekening te worden gehouden met vakanties, ziekten en ploegendiensten van het personeel.

Niet elke BHV'er hoeft opgeleid te worden voor zowel het verlenen van eerste hulp als het beperken en bestrijden van brand en het ontruimen. BHV'ers kunnen ook voor één van de drie bovengenoemde deeltaken worden opgeleid en aangesteld. Zeker in gelegenheden met veel bezoekers zijn er meer mensen nodig die een ontruiming kunnen begeleiden dan mensen die een brand kunnen blussen.

Alle werknemers (vast en tijdelijk) moeten worden ingelicht over de wijze waarop de bijstand op gebied van preventie, bescherming en bedrijfshulpverlening is geregeld.

Huisreglement

Om de bedrijfsbelangen veilig te stellen, moet de horecaondernemer keuzes maken, welk gedrag van gasten wordt toegestaan en welk niet. Regels vormen een belangrijk onderdeel van het sociaal-hygiënisch beleid. Door regels te hanteren kan aan gasten duidelijk gemaakt worden waar de grenzen liggen van hun gedrag. Van belang is dat de huisregels bij de werknemers en de gasten bekend zijn. Een huisreglement helpt daarbij. Bij regelhandhaving kan verwezen worden naar het huisreglement.

Huisregels opstellen
Een goede gedragsregel bestaat uit drie onderdelen, namelijk:

Het doel van de regel
Bij het doel van de regel wordt aangegeven welk onderdeel van het sociaal-hygiënisch beleid men wil uitvoeren, bijvoorbeeld: ‘Het handhaven van veiligheid’.

De inhoud van de regel
In een regel moet staan waaruit het geboden of verboden gedrag bestaat, bijvoorbeeld:
‘Het gebruik van mobiele telefoons binnen het bedrijf is niet toegestaan’.

Het waarom van de regel
In een regel moet ook het waarom van de regel worden aangegeven. In het waarom van de regel staan de argumenten waarom u de regel heeft opgesteld, bijvoorbeeld: “Wij willen voorkomen dat de rust in het bedrijf verstoord wordt door het mobiel telefoneren. Andere gasten kunnen er last van hebben. We kunnen daarop geen uitzonderingen maken”.

Hieronder geven we nog enkele voorbeelden hoe u regels kunt opstellen. Eerst leest u wat het doel van de regel is en daarna wat de inhoud en het waarom van die regel zou kunnen zijn.

Doel: Het handhaven van wettelijke bepalingen, bijvoorbeeld:
Inhoud: Aan gasten die dreigen dronken te worden (aangeschoten zijn) wordt geen alcoholhoudende drank meer geserveerd.
Waarom: Wij willen voorkomen dat iemand dronken wordt. Dat doen we om de veiligheid van onze gasten veilig te stellen en overtreding van de Drank- en Horecawet te voorkomen.

Doel: Het handhaven van orde en rust buiten het bedrijf, bijvoorbeeld:
Inhoud: Claxonneren is verboden.
Waarom: Wij willen voorkomen dat bewoners in de buurt van ons bedrijf hinder ondervinden van geluidsoverlast. Als wij daar niet tegen optreden kan dat onze vergunning in gevaar brengen.

Handhaven van wettelijke regels

Als u regels hanteert, dan zult u de regels ook moeten handhaven.

Om effectief regels te kunnen handhaven is een handhavingsbeleid noodzakelijk.
Het handhavingsbeleid bestaat uit de volgende vier stappen:

  1. Regels controleren
  2. Regelovertreding corrigeren
  3. Regelovertreding sanctioneren
  4. Sancties afdwingen

Het handhavingsbeleid is gebaseerd op algemeen geldende principes die gehanteerd worden bij het opvoeden van kinderen.

Dit handhavingsbeleid kan zowel binnen als buiten worden toegepast. Met buiten wordt bedoeld:

Bedrijfsbeveiliging

Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus
Deze wet bepaalt dat:
Beveiligingswerkzaamheden mogen worden verricht gericht op de feitelijke handhaving van:

Een beveiligingsorganisatie moet een beveiligingsvergunning hebben, welke verstrekt wordt door het Ministerie van Justitie. Een beveiliger moet:

Als de beveiliger voldoet aan bovenstaande eisen dan mag hij zijn beveiligingswerkzaamheden uitvoeren wanneer hij:

De horecaportier
De horecaportier valt als beveiliger onder bovengenoemde wet.
Onder een horecaportier wordt een functionaris verstaan, die is aangesteld ter beveiliging van personen en goederen binnen een horecaonderneming (waaronder wordt verstaan: discotheken, cafés, bars, nachtclubs, privé-clubs, restaurants en coffeeshops), ook al is dit een deeltaak.

Hieruit vloeit voort, dat met een horecaportier niet alleen de functionaris bedoeld wordt, die aan de deur staat om gasten te ontvangen of te weigeren op basis van huisreglement, maar ook de functionaris, die is aangesteld om binnen de horecaonderneming het huisreglement te handhaven (in de praktijk vaak de “binnenportier” of “toezichthouder” genoemd), ook al is dit een deeltaak.

Eisen die gesteld worden aan de horecaportier
De wettelijke eisen gericht op de horecaportier zijn:

De horecaportier moet vakbekwaam zijn
Voor de bedrijfstak Horeca bestaat het diploma Horecaportier als bewijsstuk van bekwaamheid.
Het examen voor dit diploma is toegespitst op de kennis en vaardigheden, die een horecaportier in de dagelijkse praktijk van het vak nodig heeft.

Een horecaportier moet betrouwbaar zijn
Daartoe moet elke horecaportier gescreend zijn.
Dit houdt in dat nagegaan wordt of er sprake is van een strafblad.
De screening wordt uitgevoerd door de korpschef van de politie uit de regio, waar de werkgever van de horecaportier is gevestigd. De screening dient te worden aangevraagd door deze werkgever. In een aantal politieregio’s bestaat de mogelijkheid om als individuele horecaportier bij de korpschef alvast om een indicatie te vragen over het resultaat van een mogelijke screening.

Examinering
SVH heeft hiervoor de eindtermen en exameneisen voor het examen SVH Horecaportier opgesteld. Dit is gebeurt in overleg met verschillende vertegenwoordigers van politie, het ministerie van Justitie, brancheorganisaties, individuele portiers en horecaondernemers. Deze exameneisen zijn door de Minister van Justitie goedgekeurd.

SVH.nl - nuttige organisaties voor werknemers en ondernemers in de horeca
   
Veiligheid Veiligheid
veiligheid

Bedrijfsgegevens

Vul hieronder uw bedrijfsgegevens in.
De met een * gemarkeerde velden zijn verplicht.
Type bedrijf: *
Houdt de control-toets ingedrukt om meerdere regels tegelijk te selecteren.
Aanbod producten/diensten: *
Lokatie: *
Andere te weten:
Openingstijden bedrijf. *
  Openingstijd   Sluitingstijd
maandag : :
dinsdag : :
woensdag : :
donderdag : :
vrijdag : :
zaterdag : :
zondag : :
Is er een terras aanwezig? *  Ja  Nee
Openingstijden terras. *
 
Openingstijd
 
Sluitingstijd
maandag
:
:
dinsdag
:
:
woensdag
:
:
donderdag
:
:
vrijdag
:
:
zaterdag
:
:
zondag
:
:

Hier gaat het om al het personeel dat in het bedrijf aanwezig is. Dit kan personeel zijn dat werkt:

  • in vaste dienst;
  • als parttimer;
  • als flexwerker;
  • als oproephelper;
  • als leerling of stagiaire.
Heeft u personeel in dienst? *
   Ja   Nee
 
Gemiddeld aantal aanwezige medewerkers per dag: *
Aantal aanwezige medewerkers bij topdrukte: *
Gemiddeld aantal tegelijkertijd aanwezige bezoekers: *
Gemiddeld aantal bezoekers bij topdrukte: *
Maximale capaciteit aantal bezoekers:
(volgens gebruiksvergunning) *
Vergunningen: Ja   Nee  
Heeft uw bedrijf een gebruiksvergunning*
   
Heeft uw bedrijf een exploitatievergunning*
   
Heeft uw bedrijf een Drank- en Horecawetvergunning*
   
Arbowet: Ja   Nee  
Bent u op de hoogte van de Arbowet*
   
Heeft uw bedrijf een RI&E uitgevoerd? *
   
Heeft uw bedrijf Bedrijfshulpverlening*
   
Handhavingsbeleid: Ja   Nee  
Heeft uw bedrijf een huisreglement*
   
Handhaaft u de (wettelijke) regels*